Z - z

zaad znw. siri
zaadballen znw. koko1 (2)
zaadkraker, dikbek... znw. twatwa
zaadkraker, zwartkop- znw. pikolet
zaag znw. sa3 (2)
zaagsel znw. saksi
zaaien ww. sai
zacht bw. safu (1)
zacht, half bnw. trangatranga (1)
zacht maken ww. safu (2)
zacht worden ww. safu (2)
zachtjes bw. safri (1)
zachtjes, heel bw. saf'safri (1)
zachtmoedig bnw. safri-ati (2)
zachtmoedigheid znw. safri-ati (1)
· · safrifasi
zagen ww. koti1 (1)
· · sa3 (1)
zak znw. saka1 (1)
· · saka1 (2)
zak, blom... znw. blonsaka
zak, rijst... znw. aleisisaka
zakdoek znw. saka-anyisa
· · sak'duku
zakken ww. saka2 (1)
zal hulpww. o1 (1)
zalig bnw. blesi (3)
zaliger bnw. sargi
zalving znw. salfu (2)
zand znw. santi (1)
zandbank znw. bangi2
zanderig bnw. santi (2)
zanderig maken ww. santi (3)
zandvlo znw. sika
zang znw. singi (2)
zangboek znw. singibuku
zanger znw. singiman
zangvogel, soort znw. kanari1
zangvogeltje znw. pikinfowru
zaterdag znw. satra
ze vnw. den1
zee znw. se
zeef znw. dorodoro1
zeef, gevlochten znw. manari
zeekant znw. syoro
zeekoe znw. seku
zeemeermin znw. watramama
zee-oever znw. sekanti (1)
zeep znw. sopo
zeepschuim znw. sopo skuma
zeepsop znw. sopo watra
zeepwater znw. sopo watra
zeer bw. kefalek (3)
· · sote
· · srefsrefi
· · tumsi
· znw. soro (1)
zeeschildpad znw. krape (1)
zeeschildpad, soort znw. aitikanti
· · karet
· · siksikanti
· · warana
zeewaarts znw. sekanti (2)
zeewater znw. se watra
zeg vw. we
zegel znw. stampu3 (2)
zegen znw. blesi (2)
· · seigi (2)
zegenen ww. blesi (1)
· · seigi (1)
zeggen ww. taki1 (1)
zeggen aan ww. taigi
zeil znw. seiri (2)
zeilboot znw. seiriboto
zeilen ww. seiri (1)
zeker gezegde. no abi misi
zelf bnw. eigi
zelfde bnw. sèm
· bw. srefi (1)
zelfs bw. srefi (2)
· vw. sosrefi (2)
zelfstandigheid znw. srefidensi
zenden ww. seni
zenuw znw. senwe (1)
zenuwachtig bnw. beifi-ati
· gezegde. ati de na dyompo
· · ati de na dyompo
zenuwachtig zijn ww. senwe (4)
zenuwachtigheid znw. senwe (3)
zenuwziekte znw. senwe (2)
zes telw. siksi
zestien telw. tin-na-siksi
zestig telw. siksitenti
zetel (i.d. volksvertegenwoordiging) znw. sturu
zetten ww. poti
zetten, op zijn kop overg.ww. drai ... tapu
zeuren ww. stowtu (1)
zeven telw. seibi
· ww. doro4
zeventien telw. tin-na-seibi
zeventig telw. seibitenti
zichtbaar gezegde. kon na leti
zichzelf wederkerend.vnw. densrefi
· · ensrefi
ziek bnw. siki (1)
ziek maken ww. siki (3)
ziek worden ww. siki (2)
ziek zijn ww. siki (2)
ziekbed znw. sikibedi
zieke znw. sikiwan
zieke persoon znw. sikiman
· · sikisma
ziekelijk zijn ww. sikisiki (1)
ziekenhuis znw. ati-oso
ziekte znw. datrasiki
· · siki (5)
ziekte, besmettelijke znw. dyomposiki
ziekten, geestelijke znw. nengresiki
ziel znw. kra
· · sili
zien ww. si
ziener znw. lukuman
zij pers.vnw. a1
· · en (3)
· vnw. den1
· znw. sei (2)
· · seibere
zijkant znw. kanti (1)
· · seisei
zijn bezitt.vnw. en (2)
· ww. de1 (1)
· · na1
zijrivier znw. kriki
zilver znw. solfru (1)
zilveren bnw. solfru (2)
zilveren muntstuk znw. solfrumoni
zilversmid znw. solfrusmeti
zin znw. prisiri (3)
zin in hebben ww. lostu
zingen ww. singi (1)
zinken ww. saka2 (1)
· · sungu (1)
zit te rusten gezegde. bro ... futu
zitbank znw. bangi1
zitbank, houten znw. udubangi
zitbank, soort znw. botobangi
· · dyukabangi
zitbank, van steen znw. stonbangi
zitten ww. sidon
zitten blijven gezegde. tan sidon
zitvlak znw. gogo
zo bw. so (2)
· vw. so (1)
· · we
zo een bnw. sowan
zo net bw. didyonsro
zoals bw. leki3 (1)
· vw. soleki
· · soleki fa
zodanig bw. sote
zodat vw. dati2 (2)
zodra bw. fa2 (1)
zoeken ww. suku (1)
zoen znw. bosi (2)
zoenen ww. bosi (1)
zoet bnw. sukru (2)
zoeten ww. sukru (3)
zog znw. bobimerki
zolang vw. solanga (1)
zolder znw. sodro
zomaar bw. langalanga2
zon znw. son1
zondaar znw. sondusma
zondag znw. sonde
zondagse markt znw. sonde wowoyo
zonde znw. sondu
zondebok gezegde. tyari nen
zonder bw. sondro
zonneblinde znw. yarsin
zonnescherm znw. yarsin
zoon znw. boi1 (2)
· · manpikin (2)
zorg znw. sorgu (2)
zorgen ww. sorgu (1)
zot znw. lawman
zouden hulpww. bo1
zout znw. sowtu1 (1)
zout(e) bnw. sowtu1 (2)
zoute snack znw. sowtusani
zouten ww. sowtu1 (3)
zoutevis znw. batyaw
zoveel bw. someni (2)
· · sote
· telw. someni (1)
zo-zo bw. af'afu
zucht znw. soktu (2)
zuchten ww. soktu (1)
zuigen ww. soigi
zuinig bnw. sroiti
zuinig zijn gezegde. safri nanga
· ww. kundu3 (1)
zuiver bw. soifri
· · yoisti
zulk bw. so (2)
· · so (3)
zulk een bnw. sowan
zullen hulpww. o1 (1)
· · sa2
zus titel. Sa1
· znw. sisa
zuster titel. Sa1
· znw. sisa
zuur bw. swa (1)
zuurgoed znw. swasani
zuurkool znw. syurkoro
zuurzak znw. sunsaka
zwaaien ww. wai1 (2)
zwaar bw. bun (4)
· · hebi (1)
zwaar maken ww. hebi (3)
zwaar, te ww. moro (4)
zwaar zijn gezegde. yere skin
zwager znw. swagri
zwak bnw. swaki (1)
zwak (van gesteldheid) gezegde. lekti-ede (3)
zwakheid zww. swakifasi
zwakke plek znw. swakisei
zwakken znw. swakiwan
zwakte znw. swaki (2)
zwamp znw, bw. swampu
zwanger maken idioom. gi bere
zwanger raken gezegde. kisi bere
· · ori bere
zwanger zijn gezegde. abi bere
zwangere znw. bere-uma
zwangere vrouw znw. bereman
zwangerschap znw. bere1 (3)
zwart bnw. blaka (1)
zwart maken ww. blaka (2)
zwarte bisschop znw. twatwa
zwarte capucijnaap znw. keskesi (1)
zwarte magie znw. tofruwroko
· · wisi (1)
zwartgele tiran znw. grikibi (1)
zweep znw. krawasi (2)
· · wipi (2)
zweepstaartrog znw. spari
zweer znw. soro (1)
zweet znw. sweti (1)
zwellen ww. sweri2 (1)
zwemmen ww. swen
zwepen gezefde. hari ... skin
· ww. fon (1)
· · krawasi (1)
· · wipi (1)
zwepen (met een stok) ww. tiki (2)
zweren ww. sweri1 (1)
· znw. sorosoro
zwerm znw. bosu (3)
zwerven ww. waka (1)
· · yayo
zwerver znw. wakaman
· · yayoman
zwetem ww. smuru1 (1)
zweten ww. sweti (2)
zwijgen ww. tan tiri
zwijgen, het ... opleggen gezegde. tapu ... mofo
zwijn znw. agu
zwoegen ww. sweti (3)
Copyright © 2003